Actueel Algemeen

Nanotechnologie

Risico’s van nanotechnologie vragen om regelgeving
Maureen Butter, Platform Gezondheid en Milieu

Elk nieuw product brengt nieuwe risico’s met zich mee. Dat gaat al op voor nieuwe toepassingen van bekende producten en technieken, omdat de blootsstelling kan veranderen. Maar een complete nieuwe technologie, met toepassingen die zo ongeveer het hele terrein van menselijke activiteiten en verworvenheden beslaan vormt een ongehoorde uitdaging. Nanotechnologie wordt wel de nieuwe industriële revolutie genoemd. Het is het ultieme eindpunt van de bestaande trend naar miniaturisatie: bouwen en construeren op de schaal van atomen en moleculen. Het woord is afgeleid van nanos, Grieks voor dwerg, ook gebruikt in nanometer. Een nanometer, afgekort nm, is een miljardste deel van een meter en dat is heel erg klein. Een watermolecuul meet circa 0,3 nm, de golflengte van zichtbaar licht varieert tussen 400-700 nm en de celkern heeft een doorsnee van meer dan 5000 nm. Nanomaterialen en –producten meten tussen de 0 en enige honderden nm in één of meer dimensies.

Binnen de milieubeweging kennen we nanodeeltjes al goed onder de naam van ultrafijn stof. Daarvan weten we dat het de gezondheid schaadt. Onschuldige substanties zoals koolstof kunnen zich op nanoformaat gedragen als een gifstof. En dat is momenteel ook het belangrijkste discussiepunt wanneer het gaat over gezondheid- en milieurisico’s door het gebruik en de productie van nanomaterialen. Bij verbrandingsprocessen in industrie en verkeer worden nanodeeltjes onbedoeld gevormd. Veelgebruikte hulpstoffen als koolstof, titaandioxide, silicaten en zinkoxide zijn, ook in nanoformaat, al jaren op de markt. Een derde soort nanoproducten betreft speciaal geconstrueerde deeltjes en materialen, die niet in de natuur voorkomen, bijvoorbeeld buckyballs en nanobuisjes, respectievelijk ‘voetballen’ en buisjes van koolstof, waarvan de wanden uit een enkele laag koolstofatomen bestaan.

Veel van wat we weten over risico’s van nanomaterialen komt uit toxicologisch onderzoek aan uitlaatgassen en al langer gebruikte industriële materialen op nanoformaat. Bij niet of moeilijk oplosbare stoffen neemt de giftigheid toe naarmate de stof fijner verdeeld is Dat komt omdat er een groter contactoppervlak is. Naast grootte zijn vorm en chemische samenstelling bepalend, maar het is niet zo dat wanneer deze eigenschappen bekend zijn de giftigheid of het gedrag in het lichaam te voorspellen zijn. Bij slecht oplosbare stoffen zou je de nanovorm in feite als een aparte stof moeten behandelen. Maar dat gebeurt niet. Titaandioxide geldt als niet giftig en kan vrijelijk worden toegepast in consumentenproducten als zonnebrandcrème of voedsel. Titaan en zink worden al jaren toegepast in zonnebrandcrèmes, omdat ze UV-stralen blokkeren. Jammer genoeg zijn crèmes met veel zink of titaan ondoorzichtig wit. Maar dezelfde stoffen in nanovorm zijn prachtig transparant en houden nog steeds UV-stralen tegen. Helaas worden nanodeeltjes titaan en zink onder invloed van zonlicht ook chemisch reactief en kunnen zo de huid versneld doen verouderen.

Nanomaterialen hoeven niet als zodanig geëtiketteerd te worden in consumentenproducten. Het zit dus al in van alles en nog wat. In voedsel zijn er traditionele toepassingen als antiklontermiddel en nieuwe nanotechnieken zoals bederfwerende verpakkingen en methoden om smaak en voedingswaarde te verhogen. Wetgeving is gebaseerd op chemische samenstelling en houdt geen rekening met de nieuwe eigenschappen die samenhangen met vorm en formaat.

Op de website van Friends of the Earth Duitsland is onlangs een rapport gepubliceerd over toepassingen en risico’s van nanotechnologie in voedingsproducten, te vinden via www.foeeurope.org/activities/nanotechnology/index.htm. De Canadese organisatie ETC-Group, www.etc-group.org heeft heel veel informatie over nanotechnologie, ook de bredere implicaties ervan. Maar ook onze eigen Voedsel en Waren Autoriteit waarschuwt in niet mis te verstane termen tegen de risico’s van het ongereguleerde gebruik van nanomaterialen in consumentenproducten en voedsel (zie www.vwa.nl/, via publicaties de adviezen Nanodeeltjes in consumentenproducten en Nanodeeltjesin voedsel).


Luister goed naar de boodschap!



Nanotechnologie: baanbrekend onder voorwaarden

Den Haag, 23 September 2008
Nanotechnologie is een baanbrekende en vernieuwende technologie, die het mogelijk maakt om stoffen op de allerkleinste schaal te beïnvloeden. Zo worden materialen sterker, elastischer of krasbestendiger gemaakt. Kansrijk? Of riskant voor mens en milieu? Er ontbreekt nog veel kennis om die risico's goed in te kunnen schatten. Daarvoor is nader onderzoek nodig en bovendien een betere uitwisseling van kennis en informatie tussen overheid, wetenschap en bedrijfsleven. Dat blijkt uit het nieuwste RIVM-rapport 'Nanotechnologie in perspectief'.

De technologie is kansrijk en de verwachtingen over de maatschappelijke en economische mogelijkheden zijn hooggespannen. Tegelijkertijd komen vanuit wetenschappelijke kaders signalen dat toepassingen mogelijk risico's met zich meebrengen voor werknemers, consumenten en milieu. Zo bleek onlangs uit onderzoek dat een bepaalde soort koolstof nanobuisjes in muizen een ontstekingsreactie kan veroorzaken die lijkt op de ontstekingsreactie zoals die ook door asbest veroorzaakt wordt in het beginstadium van asbestkanker.

Onderzoek naar risico's per toepassing
Er zijn honderden producten op de markt waarin nanodeeltjes zijn toegepast. Ze variëren van medische toepassingen en cosmetica tot elektronica en schoonmaakmiddelen. De risico's van deze nanodeeltjes laten zich moeilijker in kaart brengen dan die van reguliere chemische stoffen. De risico's zijn dus veelal nog onbekend, maar mens en milieu worden al wel aan de deeltjes blootgesteld. Daarom is het belangrijk om in een vroeg stadium naar de veiligheidsaspecten van deze nieuwe technologieën te kijken. Dit rapport richt zich op toepassingsgebieden waar rekening moet worden gehouden met risico's voor patiënten, consumenten, werkers en het milieu. Het minimaliseren van de risico's vereist op korte termijn veel onderzoek naar blootstelling aan en giftigheid van nanodeeltjes.

Kennisuitwisseling
Voortvarende implementatie van nanotechnologie vraagt proportionele aandacht voor de veiligheid van mens en milieu. Het onderzoek naar het vaststellen van risico's van nanotechnologie is omvangrijk en gecompliceerd. Door een goede internationale coördinatie in onderzoek en intensieve kennisuitwisseling tussen overheden, wetenschap en bedrijfsleven kan de informatie die nodig is voor het beperken van en verantwoord omgaan met risico's van nanotechnologie sneller beschikbaar komen.

Kennis- en Informatiepunt Risico's nanotechnologie
In opdracht van de ministeries van VROM, VWS en SZW is het Kennis- en Informatiepunt Risico's nanotechnologie (KIR-nano) opgericht bij het RIVM. Het KIR-nano signaleert ontwikkelingen op het gebied van nanotechnologie, adviseert over het beoordelen van risico's en informeert overheden en professionals over de risico's van nanotechnologie. Door actieve deelname aan verschillende internationale technisch-wetenschappelijke samenwerkingsverbanden komt bruikbare kennis snel voor de Nederlandse samenleving beschikbaar. Dit rapport is het eerst signaleringsrapport van het KIR-nano.

Bron: RIVM


‘Werknemer beschermen tegen nanodeeltjes’

Uitgegeven: 5 september 2008

DEN HAAG - Het bedrijfsleven moet volgens minister Donner maatregelen nemen om blootstelling van werknemers aan zogeheten nanodeeltjes te minimaliseren. Volgens hem is dat nodig zolang veel onbekend is over de risico's van nanotechnologie, waarbij met stoffen op minuscuul formaat wordt gewerkt.

Zo kunnen bijvoorbeeld zware metalen verwerkt worden in alledaagse producten, zoals voedingsmiddelen en cosmetica. Donner vraagt de Sociaal-Economische Raad (SER), waarin werkgevers en vakbonden zitten, advies over de mogelijkheden om blootstelling aan nanodeeltjes zo veel mogelijk te voorkomen.
Eerder dit jaar trokken de vakcentrale FNV, GroenLinks en diverse consumentenorganisaties al aan de bel over het toenemend gebruik van de innovatieve hoogwaardige techniek en de onbekendheid daarmee.

Bron: ANP


Gezondheidseffecten en gebruik van nanotechnologie nader onderzocht

Door Willem de Moor, zondag 17 augustus 2008

Het verwerken van nanobuisjes in producten moet aan banden gelegd worden, zo stelt een toxicoloog. De nanobuisjes zouden volgens een onderzoek een ontstekingsreactie veroorzaken die op asbestkanker lijkt.

De ministeries van Sociale Zaken en Vrom gaven toxicoloog Paul Borm de opdracht te onderzoeken welke Nederlandse bedrijven nanodeeltjes verwerken. Het onderzoek werd ingesteld naar aanleiding van een Schotse studie naar de effecten van nanobuisjes. Dat onderzoek concludeerde dat bedrijven vooral bij de verwerking van het nanomateriaal voorzichtig moeten zijn, maar dat verder onderzoek noodzakelijk is om de mogelijke gevaren en gevolgen van het gebruik van nanobuisjes in kaart te brengen. Borm ging langs bij 37 bedrijven die nanodeeljes in hun producten verwerken, om de mogelijke gevaren van de deeltjes in te schatten.

 

Enkelwandige koolstof nanobuisjes

Volgens Borm hadden een aantal producten waarin nanobuisjes verwerkt zijn, niet op de markt mogen komen, vooral omdat er buisjes in verwerkt zijn van meer dan vijftien micrometer lang. Juist koolstof nanobuisjes die langer dan vijftien micrometer zijn, kunnen ontstekingsreacties veroorzaken die lijken op de lichamelijke reactie op asbest. De kortere buisjes lijken, voor zover de huidige onderzoeken aan kunnen tonen, geen gevaar voor de gezondheid op te leveren.

Borm pleit voor een herziene wetgeving en een rem op de ontwikkeling van producten met nanobuisjes. De toxicoloog zegt niet te pleiten voor het radicaal stoppen met het gebruik van nanomaterialen, maar wil dat bedrijven door hem aanbevolen richtlijnen volgen die de verwerking van nanodeeltjes veiliger maken. Uiteraard zou ook onderzoek gedaan moeten worden naar risicobeperking van het gebruik van onder meer nanobuisjes: zo zouden potentieel schadelijke lange buisjes dankzij chemische toevoegingen in het menselijk lichaam afgebroken kunnen worden. In het rapport dat Borm samen met de Arbo Unie opstelde, zijn veiligheidsrichtlijnen opgenomen, waaronder het beperken van contact met de nanomaterialen. Borm hoopt dat de regering de aanbevelingen overneemt en formaliseert om de risico's van nanomaterialen in de industrie te beperken.

Bron: tweakers.net


Bisphenol A

Voeding uit plastic verpakkingen is dodelijk voor de hersenen

Voeding uit plastic verpakkingen is mogelijk dodelijk voor de hersenen en de oorzaak van ernstige psychische problemen.
Canadese onderzoekers ontdekten dat Bisphenol A (BPA), de chemische stof die gebruikt wordt voor plastic flesjes en andere verpakkingen mogelijk de oorzaak is voor het beschadigen van talloze hersenfunkties zoals leren en geheugen.

Plastic Waterflesjes

Plastic Waterflesjes

Ze ontdekten ook dat het de oorzaak kan zijn voor Alzheimer, schizofrenie en depressie.BPA wordt over de gehele wereld gebruikt voor plastic water flesjes (Spa Rood en Bar le Duc etcetera), baby voeding flesjes, baby fopspenen, broodtrommels en tandenborstels.In hun studie ontdekten onderzoekers van de University of Guelph dat BPA mogelijk wordt opgenomen door vast of vloeibaar voedsel die in de plastic verpakkingen verpakt is. Wanneer het voedsel vervolgens wordt geconsumeerd, stellen ze, komt de chemische stof in het lichaam. Volgens onderzoeker Neil MacLusky zorgen deze miniscule dosisen ervoor dat de formatie van synapses in gebieden van de hersenen die gelinkt zijn aan leren ernstig beschadigd wordt. Als onderdeel van hun studie voede de onderzoekers Afrikaanse groene apen op het St. Kitts eiland gedurende 1 maand met voedsel die zeer lage concentraties BPA bevatte. Na die periode ontdekten ze dat de chemische stof de synapses van de hersenen had vertraagd. MacLusky stelt dat het proces was gelinkt aan het hormoon oestrogeen.

“Oestrogeen vergroot het tempo waarop sommige typen synapsen worden gevormd en is vitaal voor het behouden van een normale neurologische structuur in regio’s van de hersenen die leren, geheugen en gemoedstoestand besturen” zegt hij in een TV interview

Wanneer de apen BPA in hun systeem hadden, zegt hij, dan zorgde het voor een ernstige verstoring van het proces, welke effect had op hun vermogen om te herinneren.
Bron: Environment News Service

En laten we onze oceanen niet vergeten die inmiddels zo ernstig vervuild zijn met plastic dat je in sommige gebieden nergens meer kunt kijken zonder een plastic flesje te zien drijven. De kleine vissen eten de miniscule afgebroken plastic deeltjes en daarmee de grotere vissen die weer worden gevangen en op ons bord belanden.




Bisphenol A (BPA) in plastic

Bisfenol A zit ongeveer overal in. Van verpakkingsmateriaal tot tandvullingen, van cd's tot huisstof. Het vergroot de kans op suikerziekte en hartziekte. Hoe serieus moeten we dit nemen?
Luister naar de uitzending van radio1

Weer mooi voorbeeld van hoe de EU autoriteiten met onze gezondheid omgaat. Lijkt een herhaling te worden van het transvetzuren verhaal. Amerika grijpt in maar EU laat de zaak aan de industrievriendjes over ten koste van de burger. Fructose-siroop jaagt diabetes en hart- en vaatziekten aan, transvetzuren idem en nu ook plastic. En we zadelen de komende generatie ermee op.


 

 


De gevaarlijke kanten van Bisphenol A

Bisphenol is een gevaarlijke stof die in plastic wordt verwerkt en via plastic-voedsel-verpakkingen in het voedsel kunnen geraken

(1) het is belangrijk te weten dat bisphenol een chelator is: dwz: zich aan metalen zoals bv koper bindt (zie mijn eerste verwijzing). Middelen die koper binden zijn berucht omdat zij autoimmuunziekten kunnen veroorzaken. Bij voorbeeld penicillamine kan autoimmuunziektes als myasthenie, LE (lupus) veroorzaken.

(2) Bisphenol A is een "endocrine disruptor", dwz een oestrogeen disruptor, en deze stof zet B1 cellen aan tot het produceren van IG G autoantilichamen die betrokken zijn bij de autoimmuunziektes LE (lupus erythematosus); lupus nephritis. (tweede verwijzing)

Kortom:
De BPA-chelator uit plastic verpakkingen kan in het voedsel geraken en zou daarbij een veroorzaker van auto-immuun-ziekte -processen kunnen zijn. Tot nu toe was het eigenlijk onduidelijk op welke wijze bisphenol schadelijk is. Het gaat er op lijken dat zware metalen zoals koper, gebonden aan BPA, daarbij een rol spelen. Een soort, door BPA-geinduceerde, kopervergiftigings-autoimmuunziekte of koperallergie met IG-G Anti-DNA anti-lichamen in het bloed!

Referenties:
(1) Reparation and Characterization of Poly(bisphenol A oxalate) and Studying its Chelating Behavior Towards Some Metal Ions

Authors: Sharif T. Al-Hamidi a; Bassam A. Sweileh a; Fawwaz I. Khalili a Affiliation: a Faculty of Science, Department of Chemistry, University of Jordan, Amman, Jordan
Published in: Solvent Extraction and Ion Exchange, Volume 26, Issue 2 March 2008 , pages 145 - 162

Abstract
Poly(bisphenol A oxalate) was synthesized by condensation polymerization of Bisphenol A and oxalyl chloride in dichloromethane under dry nitrogen atmosphere below 5°C. The resulting linear alternating polymer was characterized by inherent viscosity, FTIR, 1H-NMR, and 13C-NMR. The thermal behavior of the polymer was evaluated by differential scanning calorimetry (DSC), and thermogravimetric analysis (TGA). The chelating behavior of the synthesized polymer towards some divalent metal ions was studied by the batch equilibrium technique as a function of pH and contact time. The isothermal behavior and kinetics of the metal ions uptake onto the polymer were also investigated. The polymer showed high rates of metal ion uptake toward Pb(II), Cu(II), and Mg(II), but low rates toward Ni(II) and Cd(II) in the measurement of metal uptake. Interestingly, the polymer was found to selectively chelate Pb(II) and Mg(II) ions in the concentration variation isotherm experiments.

(2) Endocrine disruptors (environmental estrogens) enhance autoantibody production by B1 cells. Yurino H, Ishikawa S, Sato T, Akadegawa K, Ito T, Ueha S, Inadera H, Matsushima K.

Department of Molecular Preventive Medicine, School of Medicine, The University of Tokyo, 113-0033, Japan.

Accumulating data suggest that endocrine disruptors affect not only the reproductive system, but also the immune system. We demonstrate here that endocrine disruptors including diethylstilbestrol (DES) and bisphenol-A (BPA) enhance autoantibody production by B1 cells both in vitro and in vivo. BWF1 mice, a murine model for systemic lupus erythematosus (SLE), implanted with Silastic DES after orchidectomy developed murine lupus characterized by immunoglobulin G (IgG) anti-DNA antibody production and IgG deposition in the glomeruli in the kidney as well as those implanted with 17beta-estradiol (E2). Plaque-forming cells (PFC) producing autoantibodies specific for bromelain-treated red blood cells were significantly increased in mice implanted with DES and BPA. IgM antibody production by B1 cells in vitro was also enhanced in the presence of endocrine disruptors including DES and BPA. Estrogen receptor (ER) expression was upregulated in B1 cells in aged BWF1 mice that developed lupus nephritis. These results suggest that endocrine disruptors are involved in autoantibody production by B1 cells and may be an etiologic factor in the development of autoimmune diseases.

Toxicol Sci. 2004 Sep;81(1):139-47. Epub 2004 May 27.
Tjaard Hoogenraad, Neuroloog


Strange Days on Planet Earth: Plastic Plague
National Geographic's